De gedichten van de Roojse dichter

Identiteit

Geplaatst op: 22 september 23

Geschreven ter gelegenheid van de bekendmaking van de Roojse Dichter (30 jaar Literair café)

-

Hoe breng jij onder woorden wat het is,

dit Venray waar jij woont of niet meer woont,

maar lang of kort geleden jij wellicht

verwekt, geboren of getogen bent,

zodat er door jouw wezen toch die zweem

van het besef zweeft van een navelstreng?

 

Welk antwoord geef je als men informeert

naar Venray? Het is stad noch dorp. Te groot

voor windselen, te klein voor Wippenstein.

Plaats of gemeente in Noord-Limburg dan?

Dat klinkt niet sexy, sterker nog, je maakt

daarmee wellicht de slaapster Saaiheid wakker.

 

Iets anders dan. Dit Venray is, al valt

er ook geen dier met die benaming te

bekennen, varkensland. Of kippenland,

maar los van drie, vier hoenders voor de sier

blijft al dat pluimvee potdicht opgehokt.

Het Venrays vee, gevangen achter baksteen.

 

Dit Roojse Babel van na god z’n staatsgreep.

De talen die je naast het Venrays hoort,

meer polyglot, dat maak je amper mee.

Daartegen wordt gefulmineerd op forums.

Ik zeg: deze gemeenschap hebben wij,

vies van de vuile werkjes, zelf gevormd.

 

Gemeente Venray, vol van kerkgebouwen

en die ook pedofobe kloosters ooit.

Hoe heilig en hoe veilig was die wereld

waarin de braafste braafheid overheerste

en lelieblankheid nog de norm uitmaakte.

Dat o zo megamooie roomse Rooj.

 

Er waren en er zijn in deze plaats

die diensten van de geestelijke zorg

waar met fatsoenlijkste bedoelingen

de therapie soms onfatsoenlijk was.

Wij tasten veel te vaak wat in het duister

en soms wordt het verkeerde aangeraakt.

 

Moerassen liggen er bij Venray waar

geen mens van weet: de Spurkt en Weverslo.

Luchtgeesten vegeteren daar. Zij heten

Muvero, Xerox, Jako en Inalfa.

Onthutst ontwaren zij wat er ontspruit:

de blokkendozen van de logistiek.

 

Op zo’n lokale samenleving drukt,

tot slot, de politiek een zware stempel.

Hier zwerft nog steeds dat zwerend erfgoed rond

dat paapse volksregenten achterlieten,

met bleek, loon naar fracturen en parolen,

met staar en stomheid makende magie.

 

Nu heb ik over Venray veel verteld,

maar werd jij wijzer ook? En triester ook

wellicht? Voldeed de informatie die

ik met je deelde? Weet jij wat jouw lezing is

als men naar Venray vraagt? Ben jij in staat

dat specifiek Venrayse bloot te leggen?

 

Waarschijnlijk niet. Waarschijnlijk giechelt Venray

wat om dat bloot, maar houdt de kleren aan

en sta jij stuntelig te stamelen.

En da’s niet vreemd: dat waar men jou naar vroeg

is als gebakken lucht, als kwik of paling.

Het is slechts woordgebleven werk’lijkheid.

 

 

© 2024
Created by LR Internet